De gevolgen van een afwijkend gehoor voor de ontwikkeling en het functioneren van het individu en zijn omgeving (thuis, school, werk) kunnen groot zijn. Dat maakt dat de klinische audiologie per definitie een multidisciplinair vakgebied is. Een audioloog moet kennis hebben van het normale en het aangedane gehoor, de otologie, maar ook van de communicatieve, sociale en psychologische gevolgen van een gehoorstoornis. Hij is deskundige op het gebied van audiologische meetapparatuur (aanschaf, gebruik, beheer, veiligheid) en van technische hulpmiddelen voor slechthorenden (hoortoestellen, implanteerbare hoorapparatuur, speciale telefoons, schoolapparatuur, etc.). Veel klinisch fysici-audiologen zijn betrokken bij wetenschappelijk onderzoek. De klinisch fysicus-audioloog moet nieuwe wetenschappelijke bevindingen kunnen vertalen naar betere audiologische zorg voor de patiënt. Hij staat aan de basis van zorginnovatie, heeft contact met verwijzers en levert een belangrijke bedrage aan het zorgbeleid van de instelling waar hij werkzaam is.