Ziekenhuiszorg

Internist-allergoloog

  • Baankans: Laag
  • 70.000 - €250.000 bruto per jaar

De internist-allergoloog onderzoekt en behandelt mensen met allergische aandoeningen. Als allergoloog werk je voornamelijk op de polikliniek. Daar houd je intakegesprekken met de patiënt, zoek je met behulp van diverse testen naar de bron van zijn allergie en behandel je de patiënt. Lees meer over de variatie in dit beroep...

Wat ga je doen?

Als internist-allergoloog werk je met patiënten van alle leeftijden, maar over het algemeen zijn je patiënten vrij jong. Ze lijden aan de meest uiteenlopende allergische aandoeningen, zoals hooikoorts, astma, netelroos of eczeem. Mensen kunnen voor van alles allergisch zijn. De bekendste allergieën zijn die voor de huisstofmijt, dieren, pollen, insectengif, medicijnen en voedsel. Je behandelt ook mensen met meerdere aandoeningen tegelijkertijd en mensen met een beroepsallergie. Hierbij kun je bijvoorbeeld denken aan een tuinder die allergisch is voor stuifmeel van paprikaplanten.

De patiënten worden naar jou doorverwezen door de huisarts, de longarts, de KNO-arts, de kinderarts, de dermatoloog of - in het geval van beroepsziektes - ook wel door de bedrijfsarts.

Een groot deel van je werktijd ben je te vinden op de polikliniek. Daar houd je uitgebreide intakegesprekken met nieuwe patiënten, doe je testen om uit te vinden waarvoor ze allergisch zijn en voer je behandelingen uit. Die testen kunnen bijvoorbeeld zijn: een priktest waarbij je bepaalde stoffen inspuit; een plaktest, waarbij je verschillende stoffen op het lichaam plakt om te kijken hoe de reactie is; een provocatietest, waarbij je de stof die vermoedelijk de allergie veroorzaakt in neus of ogen toedient of een longfunctietest, waarbij je de longinhoud van een patiënt test door hem te laten blazen of een stof laat inhaleren om de oorzaak van benauwdheid te achterhalen.

Ook administratie hoort bij je werk: daar besteed je ongeveer tien procent van je werktijd aan. 

Waar werk je?

Als internist-allergoloog werk je voornamelijk op de polikliniek van een ziekenhuis.

Ga je aan de slag in een universitair medisch centrum? Dan besteed je een derde van je tijd aan zorg, een derde aan wetenschappelijk onderzoek en een derde aan onderwijs (zoals simulaties oefenen in een team of lesgeven).